Indietopia in Groningen helpt gameontwikkelaars ondernemer worden

Indietopia in Groningen helpt gameontwikkelaars ondernemer worden

Foto door Peter Wassing

Slechts 1 op de 10 startups wordt een succesvol bedrijf. In de afgelopen jaren passeerde een aardig aantal de revue van NoordZ. Hoe staan ze er nu voor? In aflevering 19: Indietopia in Groningen.

Wat doen jullie ook alweer?

Merijn de Boer, directeur van Indietopia: ,,Wat we vooral doen, is beginnende lokale gameontwikkelaars helpen met het opzetten van hun bedrijf. We helpen bijvoorbeeld bij het schrijven van een projectplan, of het bepalen van het budget. Dat is nodig omdat gameontwikkelaars vaak wel goed games kunnen ontwikkelen, maar geen echte ondernemers zijn. Ze willen zichzelf bijvoorbeeld geen loon geven, of te weinig. Het is een beetje hetzelfde als soms met kunstenaars: zodra ze er geld mee verdienen, voelt het vies. Maar de game-industrie is de grootste entertainmentindustrie ter wereld dus het is prima om er geld mee te verdienen. Sommige ontwikkelaars beseffen zich dat niet en denken dat ze aan 10.000 euro per jaar genoeg salaris hebben. Dat is niet zo, tenzij je natuurlijk op een studentenkamer zit en elke dag noodles eet.”

,,Ook inhoudelijk sturen we bij, of remmen we af. Soms komt een ontwikkelaar dolenthousiast naar ons toe, met alles wat hij in zijn spel wil stoppen. Dan roept hij: je kunt dingen sparen, er zit een dag-en-nachtcyclus in, het heeft rpg-elementen (Role Playing Game – red.) en ga zo maar door. En dan zeggen wij: ho, stop. Kies drie elementen, dan gaan we daarmee verder bouwen.”

Hebben jullie de route gaandeweg bijgesteld?

,,Het bedrijf begon in 2014 aan een pand aan de Grote Markt in Groningen. Dat was een groot leegstaand gebouw waarvan ze niet goed wisten wat ze ermee aan moesten. Dus toen mochten er gamemakers in werken. We waren toen meer een incubator. We zeiden: kom maar binnen en ga mooie dingen maken. Verder hielden we ons een beetje afzijdig. In 2018 veranderde dat: we gingen actiever begeleiden door evenementen te organiseren, bekende designers uitnodigden om te spreken. We inspireerden en creëerden.”

,,Dat ging goed, tot de coronacrisis kwam in 2020. Toen waren er ineens veel minder startende gamemakers, want tja, wie gaat er nou tijdens zo’n crisis starten? Dus toen zijn we bezig gegaan met andere projecten. We hebben bijvoorbeeld voor Museum Belvédère in Heerenveen een expositie gemaakt. Daarvoor hebben we onderdelen uit videogames geprint, met zelfs een hele kamer uit de game Dishonored 2, een kamer van twintig vierkante meter. Dat was ambitieus, maar het is gelukt.”

Wanneer is de grote doorbraak?

,,Als ik zie dat wij in drie jaar tijd 36 werkplekken en 14 grote projecten hebben begeleid, dan word ik daar erg blij van. Maar we zijn wel nog steeds afhankelijk van subsidies, hoewel dat steeds minder wordt. Als we kunnen blijven doen waar we goed in zijn maar niet meer afhankelijk zijn van subsidies, dan zou dat een doorbraak zijn. Dat wat we verdienen door jonge gamebedrijven te helpen, voldoende is om ons verder te helpen. We proberen die hulp, die we nu zonder subsidie vanaf 2020 hebben geleverd, te verzilveren in een nieuw plan dat betere kansen voor onze starters én onszelf biedt.”

Wat heb je geleerd de afgelopen jaren?

,,We hebben geleerd dat je een accelerator, zoals we ons noemen, niet in één jaar op poten zet. Een videogame maak je ook niet in een jaar, dat gebeurt nooit. Daarnaast hebben we geleerd dat er in de game-industrie speelruimte moet zijn: ontwerpers moeten de ruimte hebben om op hun bek te gaan. Neem bijvoorbeeld de bekende game Angry Birds. Een spel van een kleine Finse ontwikkelaar, Rovio die nog steeds goed loopt met een omzet van 280 miljoen euro op jaarbasis. Maar Angry Birds is de 52ste game van Rovio; al die games daaraan voorafgaand waren minder succesvol en zijn niet bekend. Daarom moet er speelruimte zijn, om uiteindelijk tot iets moois te komen.”

Hoe ziet de toekomst eruit?

,,Toevallig zijn we net bezig met een plan om tussen 2022 en 2026 honderd banen te creëren in de Noordelijke game-industrie. Met dat plan hopen we van Groningen een echte gamestad te maken. We houden daarbij rekening met die speelruimte, zodat ontwikkelaars genoeg pogingen krijgen om iets echt moois te ontwikkelen. Daarbij gaat het om ongeveer vijftig pogingen, daar moet vast een gouden ei tussen zitten. Hoewel, dat is misschien een beetje flauw, na die Angry Birds-vergelijking van net.”

Lees hier andere afleveringen van onze start-up-rubriek

Wigger Brouwer (Journalist)

Wigger Brouwer (Journalist)

Geplaatst op: 29 november 2021

[GA TERUG]

Geef uw reactie:

Je e-mailadres wordt niet bij je reactie gepubliceerd. We verwerken je reactie alleen om je eenmalig op de hoogte brengen van plaatsing of afwijzing van je reactie. Je naam wordt alleen geplaatst bij de reactie. Deze wordt verder niet verwerkt.