Eitje, groente, kaas of vlees? Op naar de boerderij!

Eitje, groente, kaas of vlees? Op naar de boerderij!

Tekst Willy Schouwstra – Foto’s door Mariska de Groot

Een melktap, een kraampje aan de weg, een boerderijwinkel of een online bestelservice: rechtstreeks je eten bij de boer kopen is populairder en gemakkelijker dan ooit. Wat vóór corona nog een stilletjes opkomend fenomeen was is nu een trend. Met dank aan de groeiende vraag naar eerlijke producten uit eigen omgeving.

Een verdubbeling van de omzet in consumentenverkoop. Dat is waarop boeren met een winkel, kraam of automaat het afgelopen jaar gemiddeld uitkwamen, blijkt uit cijfers van onderzoeksbureau Gfk. Bloemen, kaas, tomaten, eieren, vlees, aardappelen of komkommers: bijna 1 op elke 5 huishoudens kocht in 2020 weleens rechtstreeks bij de producent. Voor de coronacrisis was dat iets meer dan 1 op de 10.

Corona blijkt de directe verkoop van voedsel van boer aan consument een flinke slinger te hebben gegeven. De crisis heeft mensen aan het denken gezet over duurzaamheid, gezond(er) leven en de meerwaarde van lokaal kopen.

,,Het wordt steeds drukker”, bevestigt Marja de Vries van De Wylde Boerinne in IJlst. Met echtgenoot Watze heeft ze een winkeltje met zuivelproducten op hun boerderij, evenals een melktap. ,,Ik dacht dat mensen goede voornemens hadden voor het nieuwe jaar”, vertelt de boerin over de toenemende aanloop van klanten begin 2020. Toen corona vaste voet aan de grond kreeg, bleek het meer dan dat. ,,Onze omzet is verdubbeld sinds de uitbraak van het virus.”

Opmars van jongeren

Vooral ouderen kopen bij de boer: bijna 70 procent van de klandizie. Opvallend is wel de opmars van jongeren: in 2020 een verdubbeling ten opzichte van een jaar eerder. De toenemende aanwezigheid van kwekers en boeren online, een aandeel dat opliep naar 12 procent tegen 6 procent een jaar eerder, heeft daar invloed op.

Neem De Streekboer, met zo’n vijftig aangesloten bedrijven online actief in Friesland, Groningen en Drenthe. Het collectief laat zich volgens oprichtster Sandra Ronde het beste omschrijven als een sociale onderneming met een ideële achtergrond, maar wél met een realiseerbaar verdienmodel. ,,We zijn nog een kleine speler in de markt ten opzichte van supermarkten, maar we kunnen veel meer impact gaan maken in Noord-Nederland.”

Klanten kunnen online hun boodschappen bestellen bij De Streekboer en halen deze af bij een van de ophaalpunten. ,,Corona heeft ons geholpen de slag te maken naar een volwaardig bedrijf,” vertelt Ronde. ,,Door de groei kunnen wij op twee sporen verder: naast het afhalen gaan we ook thuis bezorgen.” Ronde is er zeker van dat de trend een blijvertje is. ,,Mensen hebben meer gelegenheid gehad om zich te verdiepen in het hoe en wat van hun voedsel. Iets heeft tijd nodig om in je systeem te komen. Dat is nu gebeurd.”

Het adagium ‘wat je van ver haalt is lekker’ lijkt in tijden van crisis dus te kantelen. Brenda Timmerman van land- en tuinbouworganisatie LTO Noord vertelt dat het rechtstreeks kopen bij de boer een ‘extra gevoel van goed en betrouwbaar’ geeft. ,,Deze crisis heeft duidelijk gemaakt dat de beschikbaarheid van producten uit verre landen niet altijd een vanzelfsprekendheid is. Bovendien kun je producten uit de buurt kopen zonder transport en de hele logistieke keten daarachter; duurzamer en waardering voor de boer.”

Opsteker

Veel boeren hebben last van het wegvallen van afzet aan de horeca. Daarom is het een opsteker dat de directe verkoop in de lift zit. Daan Trimpe van kwekerij Trimpe in Koudum is de laatst overgebleven bedrijfsmatige teler van Koudumer beantsjes, een bonensoort die steviger en zoeter is en waarvoor mensen van heinde en verre naar dit dorp komen. 70 procent van de verkoop van zijn spinazie, prei, bloemkool, spitskool, sla, andijvie en bonen vindt rechtstreeks vanaf de kwekerij plaats. ,,Mensen kunnen er dan even uit in coronatijd.”

Daan Trimpe – Foto Mariska de Groot

Daarnaast verkoopt Trimpe zijn groentes online via De Streekboer en aan lokale boerderijwinkels. De teler benadrukt het belang van lokaal kopen voor de omgeving. ,,Het is niet alleen goed voor jezelf of de ondernemer, maar voor de hele landschapsinrichting. Een gevarieerde moestuin heeft klanten nodig, anders wordt het een weiland.” De leefbaarheid van een dorp is gebaat bij dit soort initiatieven, wil de teler maar zeggen.

Ook kippenhouders Hendrik-Jan Kieft en zijn echtgenote Alida Elzinga zijn deelnemers van De Streekboer. Hun eieren en kippenvlees vinden online de weg naar de consument. Daarnaast runt het paar een winkel bij hun bedrijf Kippenkieft in Winschoten en staat er een eierautomaat bij de weg. Afgelopen jaar kwamen er ‘relatief veel nieuwe mensen’ naar de boerenwinkel, waar behalve eigen producten ook lekkernijen van collega’s uit de omgeving worden verkocht, vertelt Kieft. ,,Dan krijg je de vraag: hebben jullie geen sla? Nee, zeggen wij dan, daar is het nu het seizoen niet voor, probeer eens koolrabi of pastinaak.”

Opvoeden

Je moet je klanten in dat opzicht een beetje opvoeden, meent Kieft. „Het leuke is dat mensen daarvoor openstaan. De persoonlijke aandacht, het advies en het recept dat ze meekrijgen om die onbekende groente klaar te maken, het wordt gewaardeerd. We vertellen het verhaal achter het product.” Kippenkieft zet ook in op beleving. Uit een oude kauwgomballenautomaat kunnen bezoekers een handje voer halen om kippen te voeren. Vanuit een skybox en vanaf de kipwalk kun je de dieren zien scharrelen.

Het zijn redenen die je terug hoort bij bezoekers van boerenwinkels. De beleving. De korte lijnen. Weten waar je eten vandaan komt. Milieubewustzijn. Dierenwelzijn. Niet naar de supermarkt hoeven in coronatijd. Herwaardering voor de directe omgeving. Het persoonlijke en kleinschalige. En, niet te vergeten, de versheid en smaak van de producten. Opvallend argument is ook de schappelijke prijs die vaak bij de boer betaald wordt: 5 kilo uien voor 2 euro, biologische eieren voor de helft van de prijs die de supermarkt rekent.

Hoe weet je nu of er in je buurt een boer is waar je eten kunt kopen? Frequente bij-de-boer-kopers Bernd Hietberg en Willemijn Kleijn bedachten daarvoor de app het kraampje . Hun doel is om vijfhonderd boerderijwinkels en -kraampjes op de app te krijgen, zodat iedereen in Nederland op de fiets eten bij de boer kan halen. Hun verklaring voor de groeiende populariteit van voedsel van de boerderij? ,, Je koopt een eerlijk product’’, aldus Koops. „Er is niks aan toegevoegd of afgehaald.”

,,Bewustzijn is de sleutel’’, meent Sandra Ronde van De Streekboer. Zij ziet hierin een rol voor de overheid. ,,Nederland bungelt onderaan de Europese ranglijst als het gaat om het aandeel biologische bedrijven. Voorlichting over ons consumptiepatroon is essentieel, je kunt er op scholen al mee beginnen.”

De 5 voordelen van de korte voedselketen

1. Je voedsel legt weinig kilometers af en komt via de kortst mogelijke weg op je bord terecht. Dat is goed voor het milieu én je weet waar je eten vandaan komt.
2. Het lokale karakter van de korte keten geeft de plaatselijke economie een boost.
3. Je kent de producent persoonlijk.
4. Het aanbod is gezond, uitgebreid en volgt de seizoenen. Alles is kraakvers en vol smaak.
5. De boer heeft meer zeggenschap en jij krijgt een eerlijk product voor een dito prijs.

Geplaatst op: 10 mei 2021

[GA TERUG]

Geef uw reactie:

Je e-mailadres wordt niet bij je reactie gepubliceerd. We verwerken je reactie alleen om je eenmalig op de hoogte brengen van plaatsing of afwijzing van je reactie. Je naam wordt alleen geplaatst bij de reactie. Deze wordt verder niet verwerkt.