Natuurbeheer als onderdeel bedrijfsvoering landbouwsector

Natuurbeheer als onderdeel bedrijfsvoering landbouwsector

PARTNERBIJDRAGE | Het was voor velen misschien wel een opzienbarend nieuwsbericht: ‘LTO wil meer ruimte voor landbouw, inpolderen deel Noordzee is een mogelijkheid’. Volgens Trienke Elshof, voorzitter LTO-Noord, is er meer ruimte nodig om aan alle wensen en eisen van deze tijd te voldoen.

We moeten boeren en tuinders de ruimte geven om de markt, het klimaat en de biodiversiteit zo optimaal mogelijk te bedienen.” Ze doelt daarbij met name op de wens om over te schakelen op kringlooplandbouw, maar daarvoor is wel meer grond nodig. „Noord-Nederland heeft wat dat betreft alles in zich om de boeren en tuinders een gezond toekomstperspectief te bieden.”

De druk op de grond is enorm in Nederland. „Als we aan alle wensen willen voldoen, dan kunnen we Nederland wel vijf of zes keer intekenen”, zegt Elshof. „We hebben echter maar één Nederland en dus moeten we ten eerste verstandig met de grond omgaan en daarnaast kijken naar andere oplossingen. En inpolderen, zoals we in het verleden ook hebben gedaan, is daar één van.”

De discussie voeren

Juist dat, zo heeft Elshof gemerkt, is voor velen een stap te ver. „Daar mag niet over gepraat worden, terwijl de vraagstukken waar we met elkaar voor staan, schreeuwen om oplossingen. Daarom pleit LTO er voor met elkaar om tafel te gaan en de discussie te voeren. We willen huizen bouwen, duurzame energie produceren, de natuur beschermen, de landbouw heeft meer ruimte nodig en zo kan ik nog wel even doorgaan. Dat kan niet allemaal in het huidige Nederland worden gerealiseerd, we moeten daarom in een groter geheel kijken.”

De vraag naar meer ruimte voor de landbouw is evident. Elshof:„ Dat heeft deels te maken met de opgave met betrekking tot de kringlooplandbouw. Maar, dit jaar komt er ook een herziening van het mestbeleid, waarbij de verwachting is dat boeren hun mest vooral over hun eigen land kwijt moeten zien te raken. Daarvoor hebben ze dan wel meer grond nodig, waarbij ruilverkaveling één van de oplossingen is.”

Combinatie

De kringlooplandbouw vormt volgens Elshof de basis voor de toekomst, waarbij er ook wordt gekeken naar een combinatie van landbouw en natuurbeheer, oftewel agrarisch natuurbeheer. „Een boer kan ook als natuurbeheerder optreden”, zegt Elshof. „Dat gebeurt al op verschillende plekken en dat pakt goed uit. Natuurbeheer wordt dan onderdeel van de bedrijfsvoering.” Met een harde knip tussen natuur en landbouw kom je er volgens de voorzitter niet.

„Dit wordt de discussie van de toekomst en ik verwacht dat dit bij de kabinetsonderhandelingen op tafel komt. Kijk, wat er met de landbouw moet gebeuren, weten we wel. Maar, hoe wat dat moeten doen, nog niet. Een route bepalen naar de oplossing heeft nu de hoogste prioriteit, zodat ook de volgende generatie boeren weet waar ze aan toe is en de landbouw een belangrijke bijdrage kan blijven leveren aan de Nederlandse economie en het landschap. Daar gaat LTO voor.”

Groningen: Landbouw blijft nadrukkelijk een stempel op Groningen drukken

Lammert Westerhuis

Om aan de toenemende vraag naar ruimte tegemoet te komen, pleit Lammert Westerhuis, boegbeeld LTO Noord in Groningen, er voor om nieuw land te gaan inpolderen. „Dat hebben onze voorouders ook vaak gedaan, dus waarom zouden we daar nu mee stoppen.” Echter, daar is niet iedereen het mee eens, zo beseft hij ook. Dus, blijft er druk staan op de ruimte in ons land. „Of we als landbouwsector iets kunnen inleveren? Dat doen we natuurlijk al, maar het moet niet te gek worden. Je hebt een bepaalde omvang nodig om aan de vraag te kunnen voldoen en een boterham te kunnen verdienen. De overheid kleurt allerlei gebieden in, zonder daarbij in contact te treden met de eigenaren. Dat vind ik de omgekeerde weg en zo zou het niet moeten gaan.”

Zuinig op zijn

Het idee van LTO Noord om juist meer ruimte te creëren voor de landbouw, onderschrijft Westerhuis. „Alleen weet ik niet waar dat zou moeten. Sterker nog, er zijn ideeën om zeewater naar binnen te laten, want dat zou goed zijn voor de natuur. Dat zou echt desastreus zijn voor de vruchtbare grond die we hier in Noord-Groningen hebben. Vergis je niet, 40 procent van ons pootgrondareaal voor aardappelen bevindt zich in de Groningse en Friese kuststreken. Daar moeten we zuinig op zijn. Zo wordt bijvoorbeeld van één hectare grond aan pootaardappelen elk jaar 15.000 mensen gevoed.”

Westerhuis vindt het jammer dat de landbouwsector niet de credits krijgt die het in zijn ogen verdient. „We zijn in elk jaar weer in staat om verbeteringen en innovaties door te voeren, denk aan kringlooplandbouw, bodembeheer en gebruik van duurzame energie. Dat verhaal mogen we veel meer vertellen.”

Woningen

Terug naar de ruimte, waar bijna iedereen in Nederland naar op zoek is. Volgens Westerhuis heeft de landbouw in de afgelopen decennia al veel ruimte ingeleverd. „Kijk maar naar de situatie rondom steden en dorpen, daar is veel minder landbouw dan voorheen.” De zorgen blijven. „Er is momenteel vooral behoefte aan meer woningen. Ik pleit in eerste instantie voor inbreiding, maar als ik de plannen zie zal er op diverse plekken nieuwbouw worden gerealiseerd en dat gaat dan wederom ten koste van landbouwgrond.” De vinger aan de pols houden, staat bij Lammert Westerhuis dan ook voorop. Dat kunnen we dan ook wel aan hem overlaten.

Friesland: ‘Het idee van inpolderen vind ik niet zo gek’

Tineke de Vries

De druk op de ruimte die de landbouwsector tot haar beschikking heeft neemt toe. Daarom vindt Tineke de Vries, pootgoedteler en boegbeeld namens LTO Noord in Friesland, het niet zo’n gek idee om zee te gaan inpolderen. „Waarom niet, we hebben dat toch ook met de voormalige Zuiderzee gedaan?” Dat ze voor dat idee vooralsnog de handen niet op elkaar krijgt, bevreemdt haar overigens niet. Ze maakt zich zorgen, over de druk op de landbouwsector. „Er worden grote happen uit de beschikbare landbouwgrond genomen. Door woningbouw, zonneparken, zeewater dat wordt binnen gelaten, het onder water zetten van veenweidegebieden, het planten van bossen, dat is een grote zorg en gaat ten koste van de landbouw.”

Verhaal vertellen

Een oplossing is volgens haar niet zo snel voorhanden. „Met alleen roepen hoe belangrijk we zijn, kom je er niet. We kunnen wel ons verhaal blijven vertellen. Dat we grond beheren en er voor zorgen, dat we water opvangen, dat we aan natuurbeheer doen, enzovoort. En dat we een grote groep mensen in de wereld van voedsel voorzien. Zo wordt van één hectare grond aan pootaardappelen elk jaar 15.000 mensen gevoed. Dat moet je wel willen zien en daar ontbreekt het nog wel eens aan.”

Ze ziet ook dat het land steeds voller wordt en dat de claim op ruimte vanuit diverse sectoren groot is. „Inpolderen is daarom niet zo’n gek idee. Ook in het kader van de kustversterking zou je daar volgens mij eens goed over na moeten denken. Ons land creëert overal op de wereld nieuw land, maar in eigen land doen we dat niet meer. Daarom doe ik een oproep: laten we kijken wat er kan en het in elk geval onderzoeken.”

Boterham

‘Ik heb het gevoel dat ik er niet meer mag zijn’. Een schapenboer op Texel vertelde het laatst in een televisieprogramma en gaat emigreren naar Denemarken. „Een triest voorbeeld van hoe het niet moet. Er komt heel veel over de sector heen en dat leidt tot dit soort reacties. Natuurlijk willen wij veranderen, maar men gaat uit van het maakbare en op korte termijn is dat niet mogelijk.”

In geen enkele provincie in ons land doen boeren zoveel aan natuurbeheer als in Friesland. „Dat blijkt prima samen te gaan, alleen is het geld nu op”, weet De Vries. „Ik weet ook zeker dat de boer dit goedkoper kan doen dan andere organisaties. Ik vind dat we meer die kant op moeten, zodat ook toekomstige generaties een boterham in de agrarische sector kunnen blijven verdienen.”

Drenthe: ‘Trots op agrarisch Nederland’

Brenda Timmerman

„Het gevecht om de ruimte is in de provincie Drenthe al een tijdje gaande”, zegt Brenda Timmerman, boegbeeld van LTO Noord in Drenthe. Landbouw, woningbouw, zonneparken, iedereen maakt aanspraak op ruimte en dat wordt volgens haar zo langzamerhand een echt gevecht. “Onze bijdrage daarin? Wij vullen waar mogelijk onze daken met zonnepanelen en vinden dat vanuit agrarisch oogpunt landbouwgrond bedoeld is voor voedselproductie.” En juist daaraan wordt steeds meer geknabbeld. „Wij kunnen misschien wel meer produceren op minder grond, maar dan moeten we daar wel de kans voor krijgen”, legt ze uit. “De innovatie gaat door, we kunnen in de toekomst de grond op andere manieren gebruiken, zonder dat dit ten koste gaat van de opbrengst.”

Kringlooplandbouw

Daarbij doelt ze vooral op een andere manier van gewassen telen, maar ook op kringlooplandbouw. „Dat gebeurt al in Drenthe. We kennen een goede samenwerking tussen akkerbouwers en melkveehouders en ruilen regelmatig grond met elkaar. Daarmee zijn we in Drenthe zelfs koploper in Nederland.”

Timmerman vindt dat de agrarische sector zeker een toekomst heeft in Nederland. „Er moeten toch monden gevoed worden en dat wordt een steeds groter probleem.” De voedselproductie staat in Nederland op een hoog niveau. “De kwaliteit van voedsel heeft positieve gevolgen voor de gezondheid van de mens. We presteren wat dat betreft beter dan het buitenland en daar mogen we best trots op zijn.”

Vroeger, zo weet Timmerman, betaalden we veel meer voor ons voedsel. „Maar, dat zijn we inmiddels vergeten. De Nederlandse agrarische sector is vervolgens groot geworden door goed en goedkoop te produceren. Dat is men zo gewend, maar of dat zo kan blijven is van veel factoren afhankelijk.”

Ruimte

Zoals van het probleem van de ruimte of beter gezegd het gebrek daaraan. Timmerman:„ Boeren staan open voor grondruil, zeker wanneer dat qua ligging goed uitkomt. Kijk, als je grond kunt ruilen op bijvoorbeeld vijftig kilometer afstand, dan heeft dat niet zoveel zin. Als ik naar ons eigen bedrijf kijk, wij ruilen grond binnen een cirkel van 15 à 20 kilometer. Dat gaat prima.”

Volgens Timmerman valt het in Drenthe nog wel mee met boeren die overwegen te stoppen. „Als het verdienmodel goed blijft, gaan boeren wel door. Maar, ik weet ook dat bij sommigen het water aan de lippen staat, mede een gevolg van een steeds veranderende wet- en regelgeving. Wees trots op agrarisch Nederland. Ruimte voor verbeteringen is er altijd, maar de manier waarop er soms met onze sector wordt omgegaan, vind ik onbegrijpelijk. De Nederlandse boer doet het zo slecht nog niet.”

www.ltonoord.nl

Geplaatst op: 16 april 2021

[GA TERUG]

Geef uw reactie:

Je e-mailadres wordt niet bij je reactie gepubliceerd. We verwerken je reactie alleen om je eenmalig op de hoogte brengen van plaatsing of afwijzing van je reactie. Je naam wordt alleen geplaatst bij de reactie. Deze wordt verder niet verwerkt.