Hoe Holthausen opeens waterstofexpert werd

Hoe Holthausen opeens waterstofexpert werd

Foto door Mariska de Groot

Hij praatte de koning bij over waterstoftechniek. Hij bouwde busjes om voor die techniek, net als veegwagens, vuilniswagens, vrachtwagens en een op afstand bestuurbare auto. Hij opende een fabriek voor trucks op waterstof, zette waterstofvulstations neer en plant er meer. Niet allemaal in zijn eentje, want Holthausen is een familiebedrijf. Carl Holthausen is het technische brein.

Twijfels zijn er, discussie over de vraag of we wel zo massaal moeten inzetten op waterstof. Want ís waterstof wel de toekomst? Zijn er geen betere manieren om energie op te slaan? Moeten we wel zoveel stroom gebruiken om waterstof te maken?

Carl Holthausen kent de genoemde argumenten, die meestal als nadelen van waterstof worden gezien. En tóch zet het familiebedrijf al jaren vol in op het bijzondere gas als waardevolle energiedrager in de mobiele sector.

,,Waarom wij zo overtuigd zijn? Niet moeilijk. Voor sommige toepassingen is er geen beter alternatief denkbaar. Waterstof gaat echt niet alles vervangen, maar wordt steeds belangrijker. Wij zijn er al tien jaar mee bezig en zien de wereld om ons heen naar ons toe groeien, als het aankomt op het idee over het nut van waterstof. Alle kritiek op waterstof is ook vrij gemakkelijk te pareren. Het rendement is hoger dan critici roepen en de ontwikkeling daarin gaat razendsnel.’’

Lees ook:

Familiebedrijf Holthausen loopt voorop in waterstofrevolutie

Eigen gasflessen

Holthausen, dat als bedrijf in 1945 begon als leverancier van industriële gassen, heeft al heel lang ervaring met waterstof. De stap naar de specialisatie in dat gas is niet zo groot. De sprong naar techniek en technologische oplossingen lijkt dat des te meer. ,,Toch is dat ook vrij organisch gegaan. We ontwikkelden al van alles rond de gassen waarmee het begon. Brandbeveiliging al snel bijvoorbeeld, maar ook onze eigen gasflessen en toebehoren.’’

Dat is nog wel even wat anders dan wagens ombouwen met brandstofcellen, al zit dat ook ergens in de familiegenen. Carls zoon Max kreeg mondiale bekendheid met zijn tot Hezla omgebouwde Tesla (wat overigens vanuit Elon Musks bedrijf werd beantwoord met treiterij en irritatie). Vader Carl bouwde jaren daarvoor al een op afstand bestuurbare auto om. Dat projectje was in meerdere opzichten het startpunt van de ontwikkeling die Holthausen bracht tot waar het bedrijf nu staat.

,,Gewoon knutselen was het. Iedereen die zo’n ding op een accu heeft gehad, kent het wel: hartstikke snel leeg en na een paar minuten rijdt hij al minder hard. Ik dacht: kan ik die auto ook op waterstof laten rijden? Dat lukte dus. En dat is iets waarin wij nu nog veel toekomst zien, de range extender . Met een extra brandstofcel aan boord kunnen elektrische wagens veel verder rijden en zijn ze veel eerder weer bijgevuld. Dat noem ik hybride 2.0.’’

Koning Willem-Alexander

Carl ging een jaar of tien geleden met die speelgoedauto onder zijn arm langs scholen om spreekbeurten te geven over technologie en de vergroening die zijn bedrijf al had besloten te omarmen. ,,Daar merkte ik al het grote enthousiasme ervoor. Mijn verhaal is leuk, maar die auto werkte geweldig.’’

Carl Holthausen nam de wagen en de techniek mee naar het Energy Transition Center (EnTranCe) op de Zernike Campus om er verder te experimenteren met een echte auto. ,,Toen kwam Willem-Alexander daar op bezoek en kon ik hem wat uitleggen. De dag erna stond het groot in de krant en was Holthausen opeens de nieuwe waterstofautoriteit. Zo kan het gaan. Zelf hadden we dat idee toen nog helemaal niet.’’

Dat was misschien wel het laatste duwtje dat het bedrijf nodig had om écht voor de nieuwe techniek te gaan. Die richting was al gekozen. ,,Weet je, wij hebben onze oorsprong in de handel in olie en gas. Als familiebedrijf denk je altijd na over de toekomst. Fossiele brandstoffen zijn eindig, dus dan moet je wat.’’

Accu’s zijn niet best

Groen gas was de eerste logische gedachte. ,,En we hebben het ook wel gehad over het rondbrengen van accu’s, zoals we altijd al gas overal bezorgen. Groen gas viel zo goed als af, omdat je dan nog steeds met CO2-uitstoot zit, terwijl wij al wel besloten hadden dat we richting Zero Emission wilden. En accu’s zijn uiteindelijk ook niet best voor de wereld. Die worden in groten getale gedumpt in Afrikaanse landen omdat de recycling ervan bepaald niet van de grond komt.’’

Holthausen vertelt het terwijl hij door de werkplaats in Hoogezand loopt. Het verleden ligt er in de hoeken voor het oprapen. Probeersels en projectjes zijn er te zien. ,,Ik denk dat wij vooroplopen omdat we deze business van een andere kant aanvliegen dan veel bedrijven. Wij begonnen met waterstof, het gas dat we al kenden, en gingen daarmee experimenteren. Gewoon doen en kijken. Dat gaat sneller dan wat veel technologiebedrijven doen, die eerst de techniek perfect willen hebben op papier.’’

Carl Holthausen – Foto door Mariska de Groot

Vuilniswagens van Holthausen op H2

De toekomst van het bedrijf is tastbaar aanwezig: een Schotse vuilniswagen wordt er omgebouwd; de dieselmotor maakt plaats voor een brandstofcel met waterstoftanks. ,,Dit is de eerste. We mogen er nog vijftien doen voor de gemeente Aberdeen.’’ Een elektrische veegwagen krijgt een brandstofcel voor meer actieradius, een bus met laadbak voor de gemeente Groningen wordt onder handen genomen, meer projecten staan er. Waterstof. Allemaal.

,,Ik denk dat het een uitstekende keus was om zo voor deze technologie te gaan. We lopen voorop en hebben al een naam opgebouwd.’’ Die naam staat niet groot op de gevel van de nieuwe fabriek in Winschoten, waar Holthausen trucks op waterstof gaat bouwen. Op de gevel – en de vrachtwagens – staat Hyzon, het Amerikaanse bedrijf waarmee de Groningers samen de trucks bouwen. Maar toch. Zonder de vooruitgesnelde faam was Hyzon nooit in Hoogezand uitgekomen.

Waterstofregio

,,We zijn met van alles tegelijk bezig. Het ontwerp van de trucks, het inrichten van de fabriekshal, het vinden van kopers en het werken aan de technologie.’’ Vooral dat bewerken van de markt is nog niet makkelijk. ,,Uiteindelijk willen we naar 2000 per jaar.’’

De bestellingenteller staat nu zo’n beetje tussen de 150 en 200. ,,Eigenlijk is dat al best wat. Dat zijn klanten die een vrachtwagen hebben besteld die ze nog nooit hebben gezien, die nog in de laatste fase van de ontwikkeling is.’’ De meeste gaan naar Engeland, Duitsland en Scandinavië, gebieden waar waterstoftankstations minder zeldzaam zijn dan in Nederland.

Een olievlek moet het zijn, al is dat een rare woordkeuze in waterstofverband.

Holthausen houdt zijn voet op het gas. Dat is toepasselijker. ,,Nu het Noorden steeds meer de status krijgt van waterstofregio stijgen de kansen. Overgaan op waterstof is logisch, maar vereist van alle kanten een inspanning. Als je ziet welke werkgelegenheid en milieuwinst dat met zich meebrengt, kan het nooit weggegooid geld zijn.’’

Jean Paul-Taffijn (Journalist)

Jean Paul-Taffijn (Journalist)

Geplaatst op: 11 februari 2021

[GA TERUG]

Geef uw reactie:

Je e-mailadres wordt niet bij je reactie gepubliceerd. We verwerken je reactie alleen om je eenmalig op de hoogte brengen van plaatsing of afwijzing van je reactie. Je naam wordt alleen geplaatst bij de reactie. Deze wordt verder niet verwerkt.