Photonis: zicht in de duisternis

Photonis: zicht in de duisternis

Technologiebedrijf Photonis maakt de ‘motor voor nachtkijkers’: helderheidsversterkers. Vanuit de Verenigde Staten, Frankrijk en… Roden.

‘Ik verkoop eigenlijk dit soort dingetjes.” In de hand van Mark de Nes, verkoopdirecteur bij Photonis in Roden, ligt een zwart, cilindervormig voorwerp, niet groter dan een flinke walnoot. ,,Dit is een helderheidsversterker: ik noem het altijd de motor voor nachtkijkers, gebruikt door militairen of politie.”

Je kent het ongetwijfeld uit films: een militair zet zijn nachtkijker op en kan in het donker zien. Grote kans dat er een onderdeel van Photonis in die nachtkijker zit. Het productieproces daarvan blijkt complex. ,,Er komen een heleboel natuurkundige principes samen in één product en dat is heel moeilijk te beheersen”, legt De Nes uit.

Weinig partijen in de wereld zijn er écht goed in. ,,Als het gaat om het topniveau helderheidsversterkers, dan zijn het eigenlijk alleen de Amerikanen en de Europeanen die dat goed kunnen. En binnen Europa is er eigenlijk maar één partij en dat zijn wij. De Russen en de Chinezen maken de technologie ook wel, maar die zitten nog niet op hetzelfde niveau.”

De technologie rondom nachtkijkers is volop in beweging. Waar die nu nog analoog is, investeert Photonis in digitalisering. De Nes: ,,Je krijgt dan een beter beeld, een hogere resolutie. En je hebt meer mogelijkheden om informatie toe te voegen, bijvoorbeeld met augmented reality .”

Hoe hoger de kwaliteit, hoe meer informatie de ontvanger ervan heeft. En informatie is cruciaal, vooral voor soldaten op missie. ,,In het veld kan elke beslissing die gemaakt wordt van levensbelang zijn. Het is daarom belangrijk om zoveel mogelijk details van de omgeving te kunnen zien.”

Waar nachtzicht in de eerste Irakoorlog in 2003 relatief nieuw was, is het nu meer gemeengoed geworden. ,,We weten dat zelfs IS nachtzicht heeft”, vertelt De Nes. ,,In de praktijk betekent het dat je beter nachtzicht moet hebben dan je tegenstander, zodat je ze eerder kunt detecteren. Je zit daardoor altijd in een soort wedloop van wie de beste technologie heeft.”

Afzetmarkt

80 procent van de omzet van Photonis komt uit de defensiemarkt, zowel in Europa als in de VS. Photonis levert aan NAVO-landen, vooral de Europese. Die verkoop is aan strenge regels verbonden: exporteren kan alleen met een vergunning van de Nederlandse overheid. Om te voorkomen dat de technologie in de verkeerde handen valt.

Maar Photonis levert niet alleen aan defensie en politie. Het bedrijf zet haar technologie ook in voor wetenschappelijke toepassingen. ,,We zijn nu bijvoorbeeld bezig om een heel snelle en gevoelige fotondetector te maken voor een missie van NASA”, vertelt Emilie Kernen, R&D-manager bij Photonis. Een zogeheten LiDAR-detector, met technologie om de afstand tot een bepaald object te bepalen.

Die detector wordt uiteindelijk in een satelliet van NASA geplaatst voor onderzoek naar atmosfeer en oceaan. Kernen: ,,Je moet het je zo voorstellen: uit de satelliet komt een laser die richting het aardoppervlak gaat. Die maakt een scan van alles wat het tegenkomt. Elk deeltje dat de laser tegenkomt weerkaatst een lichtsignaal, een foton, terug. Onze detector moet dat opvangen en tellen. Als de laser bijvoorbeeld een wolk tegenkomt, dan komt er meer licht terug dan wanneer er geen wolk zou hangen. Dat levert de wetenschap informatie op over hoe de atmosfeer eruit ziet en hoe die zich ontwikkelt.” Ze noemt als voorbeeld een bosbrand. ,,Je kunt dan met behulp van deze technologie zien hoe de rookwolken zich verspreiden en wat de dichtheid van die wolken is.”

Daarnaast investeert Photonis relatief veel geld in eigen innovatie: gemiddeld 8 tot 10 procent van de omzet. Dat is veel voor een productiebedrijf, aldus De Nes. R&D- en engineering -teams ontwikkelen veel zelf, soms in samenwerking met universiteiten zoals de Rijksuniversiteit Groningen of instituten als TNO.

Ethiek

Een vaak terugkerend thema bij Photonis is ethiek. Daar kun je moeilijk omheen als je materiaal maakt voor defensie dat eventueel gebruikt wordt in oorlogstijd. ,,Je komt weleens mensen tegen die volledig tegen defensie zijn”, aldus De Nes. ,,Onze benadering is dat we onze militairen goed willen ondersteunen met producten van de hoogste kwaliteit, zodat ze hun operaties goed kunnen uitvoeren. Die operaties zijn niet altijd offensief. Het kan ook zijn dat ze helpen als er op de Antillen een orkaan is geweest en ze met behulp van nachtzicht mensen kunnen vinden in gebouwen waar geen licht is.”

,,Je hebt vaker discussie over ethiek en het werk dat je doet. Dat is heel interessant”, vult Kernen aan. ,,We hebben vertrouwen in ons werk, omdat alles onderhevig is aan regelgeving en gereguleerd wordt door de overheid.”

Over Photonis

Photonis opereert internationaal, met een hoofdkantoor in het Franse Bordeaux, twee productievestigingen in de Verenigde Staten, één in Frankrijk en één in Roden. Hoewel de vestiging in Roden onderdeel is van het grote en internationale Photonis, is de vestiging in staat zelfstandig beleid te voeren. Er is een eigen managementteam en een eigen productiefabriek, met alle benodigde ondersteunende afdelingen. Wel moet er gerapporteerd worden aan de holding .

Voordat in 2007 het filiaal in Roden deel van Photonis Group werd, heette het bedrijf Delft Electronic Products: DEP. Dat vestigde zich in 1970 in Roden. Een opmerkelijke plek misschien, voor zo’n internationaal technologiebedrijf. Maar zo gek is het ook weer niet, vindt Mark de Nes. ,,Het was destijds een financieel gunstige plek om een bedrijf te beginnen. En je hebt in het Noorden best wel wat technologische bedrijven. Veel partners en leveranciers zitten in de buurt en we zijn aangesloten bij het Innovatiecluster Drachten. En de Rijksuniversiteit Groningen zit om de hoek.”

Is er ook een nadeel aan Roden? ,,We zijn internationaal gericht maar zitten twee uur van Amsterdam vandaan, wat niet zo handig is voor het onderlinge verkeer tussen onze vestigingen”, aldus Emilie Kernen. ,,Maar”, vervolgt ze lachend, ,,het is wel heel fijn wonen hier. Daarom is iedereen bereid die reistijd naar Schiphol te accepteren.”

Foto’s: Pepijn van den Broeke

Wigger Brouwer (Journalist)

Wigger Brouwer (Journalist)

Geplaatst op: 2 juli 2020

[GA TERUG]

Geef uw reactie:

Je e-mailadres wordt niet bij je reactie gepubliceerd. We verwerken je reactie alleen om je eenmalig op de hoogte brengen van plaatsing of afwijzing van je reactie. Je naam wordt alleen geplaatst bij de reactie. Deze wordt verder niet verwerkt.