Deze 4 helpen Noordelijke ondernemers de grens over

Deze 4 helpen Noordelijke ondernemers de grens over

Deze 4 helpen Noordelijke ondernemers de grens over

 Noord-Nederland telt een paar handen vol honorair consuls: vertegenwoordigers van andere landen. Ze bemiddelen, regelen, stroomlijnen en netwerken. Maar wat hebben wij daar – als hardwerkende Noordelijke ondernemers – nou eigenlijk aan? Zat dus.

Logistiek. Die sector is enorm in Litouwen. En daarvan kunnen wij in Noord-Nederland best ons voordeel doen. Want wij zijn een handelsnatie, een doorvoerland bij uitstek. Maar hoe kom je met die Balten in contact? Makkie. Je belt gewoon met Lina Sotnicenkaite, die al sinds jaren – gelukkig  voor ons – als Lina van Kesteren door het leven gaat.

Transport & machinebouw

,,Ja, ik heb genoeg te doen. Mijn eerste taak is het vertegenwoordigen van Litouwen in Noord-Nederland. Dat betekent – op economisch vlak – dat ik Litouwse ondernemers die geïnteresseerd zijn in producten en diensten hier in contact breng met Noord-Nederlandse bedrijven. En ja, dat gebeurt dus. Ze hebben vooral belangstelling voor de transportsector, maar bijvoorbeeld ook voor machinebouwers. Ik ken inmiddels mijn weg hier.’’

De honoraire consul van Litouwen kwam achttien jaar geleden in Nederland en stortte zich zowat van meet af aan op het koppelen van relaties, het bouwen aan bilaterale netwerken, het opzetten van uitwisselingen. ,,Nederland is voor Litouwen het vijfde handelsland, dus dat Litouwen hier een vertegenwoordiging wil, is logisch. Noord-Nederland is interessant vanwege de transportsector, maar zeker ook de agrarische bedrijvigheid en de universiteit.’’

Rusland

Lina van Kesteren benadrukt dat ze ook ‘andersom’ van waarde is. ,,Ik spreek veel met bedrijven die aftasten of ze hun producten – en soms ook diensten – in Litouwen kwijt kunnen. Dikwijls willen ze in alle Baltische staten iets en daar kan ik ook bij helpen, samen met de consuls van Letland in Groningen en Estland in Zwolle. En wat echt geldt: Litouwen is een springplank naar de Russische markt. En die vinden heel veel bedrijven interessant.’’

Dat dus. Vergeet maar dat de consuls er alleen voor de buitenlanden zijn. Wat op zichzelf al goed voor Noord-Nederland is trouwens. Ze zijn er net zo goed voor ons. Logisch, want zij zíjn Noorderlingen. Noorderlingen die vaak uit het bedrijfsleven komen en er in ieder geval hun weg kennen. Zij zijn Noorderlingen die door buitenlandse ambassades zijn aangesteld. Dat dan weer wel.

Marketing & handel

De Duitse, in het geval van Sieger Dijkstra. Hij is een man met een missie. ,,Ik wil iets substantieels bijdragen aan het verminderen van grensbelemmeringen. Daar bedoel ik mee dat het makkelijker moet worden om producten, diensten en werknemers uit te wisselen. Als je van een afstand kijkt, dan zie je: zij zijn heel goed in productie en techniek. Wij zijn keien in marketing en handel. Gechargeerd natuurlijk, maar toch. Die combinatie biedt natuurlijk uitgelezen kansen.’’

Dat gaat iets verder dan sec de rol van honorair consul, die toch vooral bestaat om geïnteresseerde oosterburen bij ons de weg te wijzen. ,,Dat doe ik ook wel hoor. Die nieuwe spoorlijn naar de terminal waar de boot naar Borkum ligt bijvoorbeeld, is ook dankzij Duitse steun tot stand gekomen. Dan word ik wel gevraagd daar een bescheiden rol in te spelen.’’

Onbetaald

Het is een erebaan, zoals de titel al zegt. Betaald wordt er niet, althans niet in geld. En het kost veel tijd. Dijkstra: ,,Daar heb ik me wel een beetje in vergist ja. Ik ben er wel zo ongeveer dagelijks een keer mee bezig. Maar het is ook wel heel leuk. En de contacten worden echt wel gelegd. Dat is goed voor ons en voor Duitsland.’’

Je komt nog eens ergens, wordt op allerlei plekken uitgenodigd. – Peter Bakker, ereconsul Oostenrijk

Die contacten, dat is in wezen de belangrijkste betaling voor de ereconsuls. Peter Bakker is het al vier jaar voor Oostenrijk. ,,Ja, mijn netwerk is in die jaren enorm uitgebreid, niet alleen in Oostenrijk, maar ook hier. Je komt nog eens ergens, wordt op allerlei plekken uitgenodigd. Voor Oostenrijkse bedrijven die interesse hebben in ons gebied wordt van mij verwacht dat ik deuren open. Dan moet je wel eerst mensen leren kennen.’’

En daar hebben wij als landsdeel ook wat aan natuurlijk. Want ongemerkt lopen er af en toe best Oostenrijkers rond. ,,In 2016 had ik nog een hele delegatie op bezoek die geïnteresseerd was in de Central Industry Group. Van een overname is het helaas niet gekomen. En met CIG is het niet goed afgelopen. Maar ze waren hier wel een paar dagen en hebben meer opties bekeken. Wie weet wat daar nog van komt. Een bedrijf als BioValue is eerder al in Oostenrijkse handen gekomen en strokartonfabriek De Eendracht ook. Bij dat soort zaken wordt de ereconsul betrokken.’’

Zweden

Honorair consul van het eerste uur. Zo mag je Lukas Joel wel noemen. Hij schreef zelfs een boek over één van zijn vele avonturen als vertegenwoordiger van Zweden in Noord-Nederland. Die ging niet over het bedrijfsleven trouwens. Maar daarmee heeft hij wel veel van doen. ,,Je moet voor de aardigheid eens bij transportbedrijf NVO in Zuidbroek kijken. Daar gaan dagelijks vrachtwagens vol spullen uit Noord-Nederland naar Zweden.’’

Göteborg & Malmö

Dat is heus niet alleen de verdienste van Joel met zijn tien jaar ervaring, maar toch. ,,Ik besteed de helft van mijn tijd aan het helpen van bedrijven en particulieren hier die iets met Zweden willen. Ik ben ook lid van de Zweedse Kamer van Koophandel. Dat helpt. Ik ken de ondernemerswereld daar. En met de Nederlandse consuls in Göteborg en Malmö heb ik veel contact. Dat helpt enorm.’’

Wij zitten meestal langer op onze post dan ambassadeurs. We zorgen dus voor continuïteit in die contacten. – Lukas Joel, ereconsul Zweden

Daar gaat het dus om. Contacten, een groot, alsmaar uitbreidend netwerk. Aan beide kanten van de grens. Om buitenlandse bedrijven te helpen hun weg te vinden hier en onze ondernemers te helpen daar. Joel: ,,En wij zitten meestal langer op onze post dan ambassadeurs. We zorgen dus voor continuïteit in die contacten.’’ Heus. Daar hebben we allemaal wat aan.

Jean Paul-Taffijn (Journalist)

Jean Paul-Taffijn (Journalist)

Geplaatst op: 4 mei 2018

[GA TERUG]

Geef uw reactie:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *