Niet dag en nacht aan het werk

Niet dag en nacht aan het werk

Niet dag en nacht aan het werk

Goede voornemens. Ze zijn er ieder jaar weer. Maar wat moeten we in 2018 juist afleren en anders gaan doen? Drie ondernemers aan het woord.

Gerard Kremer heeft een helder plaatje voor zich als het gaat om zaken die we dit nieuwe jaar anders moeten doen. De voorzitter van MKB Noord-Nederland, overigens slechts één van zijn huidige functies, richt zich hierbij niet alleen tot ondernemers. „Tot de mensen in Noord-Nederland zou ik willen zeggen: laten we nou eens stoppen met het praten over de dingen waar we het niet over eens zijn. We moeten ons richten op de zaken waar we het wél over eens zijn en daarmee aan de slag gaan.”

Krachten bundelen

Kremer geeft wel enige nuance aan in zijn woorden. „Het is niet zo dat ik vind dat we het afgelopen jaar onze focus alleen maar hebben gehad op dingen waarover we het oneens zijn. In 2017 hebben we juist een mooie start gemaakt om precies het tegenovergestelde te doen. Dat vertaalde zich onder meer in TopDutch waarbij de drie noordelijke provincies eindelijk eens de handen in elkaar hebben geslagen en samen met ondernemers Noord-Nederland positief op de kaart zetten. Laat dat een startschot zijn geweest, om in 2018 definitief af te rekenen met de negatieve focus en te gaan knallen.”

Eelco Bakker, projectleider van de Ondernemersfabriek Drenthe, ziet TopDutch eveneens als een goede start wat betreft het afkomen van oude gewoontes. „Specifiek voor het Noorden zeg ik: we moeten minder vanaf de eigen eilandjes werken. Dus niet alleen vanuit je eigen stad, regio of provincie, maar de krachten bundelen. Met de huidige economische situatie trekt zo’n beetje alles weer aan. Daardoor zie je weer veel initiatieven uit de grond komen met verschillende thema’s en voor verschillende doelgroepen. Daar moeten we proberen meer samenwerking in te zoeken.”

Profileren

De kansen zijn legio in het Noorden. En daarmee ook voor samenwerkingen. „Denk alleen al aan de hele energietransitie, Healthy Ageing, de agrarische en logistieke sector”, vertelt Kremer. „Op die gebieden zijn wij in Noord-Nederland hartstikke sterk. Maar we roepen het niet. Of in ieder geval niet hard genoeg.”

Daarmee stipt Kremer direct het volgende punt aan waarvan hij zegt: dat moeten we afleren. „Noord-Nederland mag zich best wat meer profileren. Dat is misschien een beetje flauw om te zeggen, want dat roepen we al tijden. Maar het leuke is wel: we doen het ook steeds meer. Maar we moeten echt nog meer laten zien dat we een interessant landsdeel zijn. Dus als je het over afleren hebt, dan is de afwachtende en voorzichtige houding wel een absoluut punt.”

Ook Renate Groenewold, onder meer Manager Sportzaken bij het sportmarketingbureau Legendary Lanes en bestuurslid van de Stichting Cycling Championships Northern Netherlands, vindt dat we Noord-Nederland nu echt weleens op de kaart mogen zetten. Daar probeert ze zelf haar bijdrage aan te leveren door het WK wielrennen naar het Noorden te halen. „Er zijn in de rest van Nederland nog veel onwetendheden over het Noorden en over wat voor mooie bedrijven en initiatieven hier zijn. We blijven natuurlijk nuchter, dat zit in onze aard. Maar als je ziet wat we hier doen, hebben en kunnen, mag de profilering best wat omhoog.”

Tijd nemen voor je lichaam

Eelco Bakker: „Zonder calimerogedrag te vertonen tegenover de rest van Nederland natuurlijk. Laten we vooral groot denken. En daarbij kom ik deels terug op mijn eerdere woorden: we moeten ook kijken hoe we elkaar bij dat grote denken kunnen helpen. Provincie-overschrijdend. Dat klinkt misschien wat tegenstrijdig uit de mond van iemand van de Ondernemersfabriek Drenthe, maar ook wij kijken hoe we aan kunnen haken bij zaken die in Groningen gebeuren. We kunnen elkaar behoeden voor valkuilen, gebruik maken van elkaars expertise en ervaring. Er worden vaak nog dezelfde fouten gemaakt, terwijl er 50 kilometer verderop een bedrijf zit die weet hoe het moet. Een open houding hebben. We hebben allemaal hetzelfde belang voor de noordelijke regio: groei en mooie ontwikkelingen neerzetten. Daar is een open houding voor nodig.”

„Wat ik nog een belangrijk punt vind om in dit kader te noemen, is dat je als ondernemer vaak niet aan jezelf denkt. Of in ieder geval niet goed genoeg. Iedereen is maar bezig met werk en daarmee is er te weinig tijd voor bewegen en vitaliteit. En dat is wel iets waarvan ik vind dat we dat moeten afleren: niet dag en nacht aan het werk zijn, maar soms ook voor jezelf kiezen en tijd nemen voor je lichaam. Overigens vind ik ook dat het bedrijfsleven de verantwoordelijkheid heeft naar werknemers om te werken aan vitaliteit en dus aandacht aan het fysiek en de mentale en voedingskant. Ik zou het heel mooi vinden als daar in 2018 veel aandacht voor komt.”

Foto: Pepijn van den Broek


Dit artikel verscheen op donderdag 18 januari 2018 in ons magazine NoordZ. Magazine nabestellen?

Jasper de Vries (Journalist)

Jasper de Vries (Journalist)

Geplaatst op: 8 februari 2018

[GA TERUG]

Geef uw reactie:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *